Véronique Pittolo, ‘Het meisje en utopieën’ (fragment)

1.
Kinderloze koningen en koninginnen krijgen aan het eind meestal een meisje.

Een meisje!

In het hele koninkrijk weerklinkt de kreet van teleurstelling. Ze zijn teleurgesteld.
Dat kind moet een belofte zijn van geschenken, voorspellingen rond de wieg, een prins en alles wat daaruit volgt.
Men schat ziektes in, somt successen op.

Een levensweg, wat is dat? Grote verwachtingen in de lijnen van de hand, ja… Maar verder? Wie de slechte kaart trekt als de rollen van vader, moeder, kind worden vergeven, zal het zich heugen.

2.
Is ze eenmaal tot volle wasdom gekomen, dan stelt men zich het meisje voor aan de arm
van een cavalier. Maar cavaliers gaan voorbij en meisjes blijven… Het leven vliegt heen aan het stuur van een cabriolet.

(Geboren worden als meisje is een handicap die erop neerkomt dat je twee keer zo levend bent als een jongen).

3.
Als zelfbevrijding de droom van de mensheid is, dan maakt het meisje er deel van uit.

Ze maakt deel uit van dat grote voorwaartse streven, van die trage overtocht.
Voor knappe meisjes met een smalle taille is het makkelijker:
volkomen onafhankelijk als ze zijn, worden ze bevoorrecht.
Toch is de grond wankel voor een vurig jong ding, toch zijn de muren scheef.

Wat het meisje verklaart, zijn de gemiste treden.

De anderen voegen zich bij de onbekoorlijke massa,
de zusjes voor de spiegels.
Het is verbijsterend. Voor haar weerschijn grimast het lelijke wicht. Om dat ene mooie meisje te zijn tussen alle andere, moet je bedrog plegen met je spiegelbeeld.

[‘La fille et les utopies’, uit Une jeune fille dans tout le royaume, 2014, vert. Rokus Hofstede. Fragment uit de bijdrage van Véronique Pittolo voor Poetry International 2014]

Print Friendly, PDF & Email
Categorie: Vertalingen RH | Thema: Pittolo | Permalink |

Reacties zijn gesloten.