Het genot dat we aan de dingen beleven

Ruim twee jaar geleden hadden vriend Hof en ik een lange e-maildiscussie over een maxime van La Rochefoucauld. We hadden destijds net de website Maximen.nl opgezet (die overigens pas ruim een jaar later echt van start zou gaan), en La Rochefoucauld had mijn volle aandacht vanwege de nieuwe vertaling van Maarten van Buuren, die ik wilde bespreken voor de Volkskrant. Onze discussie laat zien waartoe de samenwerking van twee koppige vertalers kan leiden in termen van kwaliteitswinst en tijdverlies. Hier het betreffende maxime (nummer 48) in het Frans:

La félicité est dans le goût et non pas dans les choses; et c’est par avoir ce qu’on aime qu’on est heureux, et non par avoir ce que les autres trouvent aimable.

Van Buuren maakte daar het volgende van:

Geluk ligt in het genot dat we aan dingen beleven, niet in de dingen zelf. Sommige dingen maken ons gelukkig omdat we ervan genieten, niet omdat ze ons door anderen worden aangeprezen.

Met die vertaling had ik vier grote problemen: 1) het Nederlands is een stuk langer dan het Frans; 2) de vertaling ‘het genot dat we aan dingen beleven’ voor ‘le goût’ lijkt me niet alleen veel te lang, maar ook onjuist; 3) het Nederlandse ‘sommige’ suggereert ten onrechte dat de bewering voor ‘andere’ dingen niet geldt – het woord ‘anderen’ verderop in de zin is om die reden trouwens verwarrend – en 4) de relevante herhaling aime/aimable is in het Nederlands weggevallen (al is er wel een andere herhaling voor in de plaats gekomen: genot/genieten). Nadat ik Rokus per mail mijn frustratie had toevertrouwd, kwam hij met een geïmproviseerd alternatief:

Geluk ligt in het genot, niet in de dingen; gelukkig word je door te hebben waar je van geniet, niet door te hebben wat anderen genietbaar vinden. (?)

Waarop ik direct reageerde met: ‘Het gaat toch helemaal niet om genot? En waarom genot/genieten terwijl er in het Frans goût/aimer staat?’ En ik deed zelf een geïmproviseerd tegenvoorstel:

Geluk ligt in de smaak, niet in de dingen; gelukkig word je door te hebben waarvan je houdt, niet door te hebben waarvan je volgens anderen moet houden.

Toen kwam de discussie op gang, die ik hier voor het gemak in toneelvorm zal weergeven:

HOF: ‘Smaak’ vind ik hier wel op het randje, dan denk je mogelijk aan smaakpapillen, terwijl het gaat om het plezier en de lust die je in iets vindt, althans zo lees ik het. Idem voor ‘houden van’, dat een nogal woordelijke weergave is van het zoveel ruimere begrip ‘aimer’, en dat je dwingt tot een yoga-achtige vertaling van ‘aimable’.

HAAN: Niet helemaal met je eens, behalve dan dat ‘houden van’ altijd een rotwoord is (maar het duidt gewoon op ‘een voorliefde hebben voor’). Bij het Franse ‘goût’ kun je net zo goed aan smaakpapillen denken, toch? En ik dacht aan ‘smaken verschillen’, dat is toch de betekenis van het hele maxime.

Op grond hiervan plaatste ik een paar weken later een (niet meer te achterhalen) vertaalvoorstel op de website, en de discussie ging verder:

HOF: ‘Geluk ligt in de smaak’, en dat laatste begrip in contrast met ‘de dingen’, ik ben niet overtuigd. Het woord ‘smaak’ werpt hier een dubbele hindernis op: zowel de historische als de taalkundige afstand die ons scheidt van La R’s gebruik van ‘goût’.

HAAN: Over ‘smaak’ verschillen we denk ik van smaak, ik zie geen historische en taalkundige afstand (het gaat om iets subjectiefs wat ons van sommige dingen doet houden en van andere niet, dat heet smaak; eerder luidde je bezwaar vooral dat er verwarring ontstond met smaak als zintuig, maar die dubbelzinnigheid zit natuurlijk ook in het Franse woord, sterker nog: de ene betekenis van het woord is op metaforische wijze afgeleid van de andere…).

HOF: In het Nederlands blijft het gebruik van het woord ‘smaak’ vrijwel exclusief tot spijs en drank beperkt, cf Van Dale, en dan ook nog niet eens als subjectieve eigenschap, maar als eigenschap van de dingen zelf (die je kunt proeven en die al dan niet bevalt). Die laatste letterlijke betekenis kennen de Fransen uiteraard ook, maar bij hen is de overdrachtelijke betekenis alomtegenwoordig, waarnaar La R hier verwijst: een breed synoniem van ‘trek’, ‘zin’, of zelfs ‘neiging’, ‘voorliefde’. De gustibus est disputandum!

HAAN: Het laatste deel van je opmerking vind ik interessant, zo had ik het nog niet bekeken, en ik denk ook niet dat het klopt. Het gaat niet om concrete zin of trek, maar om een algemene voorliefde, kortom om smaak, want ook in het Nederlands wordt die term meestal in overdrachtelijke zin gebruikt, met name voor waardering van kunst etc. Voor mij overheersen van alle betekenissen in Van Dale duidelijk de betekenissen 7 t/m 9, die een algemeen subjectief oordeel aanduiden. Aan eten en drinken denk ik helemaal niet… P.S. In ‘smaken verschillen’ gaat het toch ook niet om eigenschappen van de dingen zelf?!)

HOF: Nee, oké, ‘smaak’ is breder dan ik het liet uitschijnen, maar naar mijn gevoel weer lang niet zo breed als ‘goût’ – alleen betekenis 6 bij Van Dale (‘welbehagen, lust, genot’) komt enigszins in de buurt van wat La R in zijn maxime bedoelt (want schoonheidszin, bijv. in ‘een kamer met smaak inrichten’, is weer iets totaal anders dan de voorliefde die ons naar bepaalde dingen trekt). Grootste struikelblok is, denk ik nu, dat ik bij ‘smaak’, zonder complement, zonder context of nadere situering, in het Nederlands onmiddellijk aan die beperkte, gustatorische betekenis denk, terwijl La R’s ‘goût’ zich daartoe allerminst verengt.

HAAN: Grappig, blijkbaar hebben we een heel andere associatie bij zowel het Franse als het Nederlandse woord. Ik hoor in het Frans in dit maxime geen ‘welbehagen, lust of genot’ (dat zijn allemaal termen die een verhouding met een concreet object aanduiden), maar alleen een abstracte voorliefde, los van elk concreet object, dat is dus betekenis 7 in Van Dale, ‘neiging, voorkeur, persoonlijke waardering’. In het Nederlands hoor ik die beperkte, gustatorische betekenis helemaal niet, ik denk meteen aan dingen als ‘Hij heeft een slechte smaak’ of ‘Over smaak valt niet te twisten’.

HOF: Ha, maar nu komen we toch nader tot de kern van ons geschil. Beide Nederlandse voorbeelden die je geeft, ‘hij heeft een slechte smaak’ en ‘over smaak valt niet te twisten’ stroken m.i. geenszins met de smaak die La R. hier voor ogen staat; het gaat jou inderdaad om schoonheidszin, kunstzin, onderscheidingsvermogen e.d., om iets abstracts kortom. Terwijl La R. een contrast maakt tussen ‘choses’ en ‘goût’, waarbij dat laatste alleen kan worden begrepen als de subjectieve aantrekking die een concreet ding op ons uitoefent, en dus juist niet als iets abstracts. Het vervolg van het maxime bevestigt die interpretatie: hebben ‘wat je wenst’ duidt op het bezit van iets concreets, voorzover wij ons ertoe aangetrokken voelen. Dus een vertaling die het genotsaspect benadrukt, die uitdrukt dat dingen alleen gelukkig maken voorzover ze ons welbehagen verschaffen, voorzover wij ze ‘lekker’ vinden, zou mij toch meer bevallen.

Hoe het verder ging, dat leest u de volgende keer.

Print Friendly, PDF & Email