Pierre Bourdieu, ‘Lof van de sociologie’ (fragment)

[…] De sociologie van de wetenschappelijke wereld is absoluut onmisbaar voor sociologen maar lijkt me nauwelijks minder onontbeerlijk voor de andere wetenschappen. Wetenschapssociologie is de doeltreffendste manier om de door Gaston Bachelard (1938) bepleite ‘psychoanalyse van de wetenschappelijke geest’ in praktijk te brengen. Pas dan zijn we namelijk in staat om inzicht te krijgen in het collectief verdrongen maatschappelijke onbewuste dat ligt ingebed in de sociale logica van de wetenschappelijke wereld: in de sociale determinanten van de selectie van selectiecommissies en de evaluatiecriteria van evaluatiecommissies, in de sociale voorwaarden van de rekrutering en van het handelen van wetenschappelijke bestuurders, in de maatschappelijke machtsverhoudingen die zich manifesteren onder de dekmantel van wetenschappelijke gezagsverhoudingen en die vaak genoeg de inventiviteit en creativiteit bij jongeren afremmen of blokkeren in plaats van die te bevrijden, en in de nationale en tegenwoordig locale coöptatienetwerken, waardoor sommigen worden afgeschermd tegen de harde oordelen van de wetenschappelijke evaluatie terwijl anderen worden belemmerd in het volledige uiten van hun creatieve mogelijkheden, enzovoort.… > Lees verder