Thérèse Cornips (1926-2016)

‘Als je ziet hoe ik met vertalen bezig ben – dat is verschrikkelijk, zoveel als je kunt variëren. Vertalen is zo moeilijk omdat de taal zo oneindig veel mogelijkheden heeft. Ik heb lang geleden Tom van Deel wel eens horen zeggen dat een echt goede vertaler altijd in één keer het juiste woord koos. Hij lijkt wel gek, dacht ik toen. Een vertaler is als een schaker, die moet juist altijd heel lang nadenken.’

De op 4 maart jl. overleden grande dame Thérèse Cornips (1926-2016) heeft haar lange leven grotendeels gewijd aan de oneindige mogelijkheden van de taal.… > Lees verder

Bijtijds gaan slapen (bis)

Eerder citeerde ik de beginzin van Du Côté de chez Swann in de nieuwe vertaling van Thérèse Cornips: ‘Lang ben ik bijtijds gaan slapen.’ Over dat ‘gaan slapen’ schrijft Miriam Rasch in haar recensie op 8Weekly:

Deze beginzin is meteen een statement van de nieuwe vertaling. In de vorige [van C.N. Lijsen] luidde die namelijk: ‘Heel lang ben ik vroeg naar bed gegaan.’ Het verschil tussen naar bed gaan en slapen is voor de bedlegerige Proust zeer groot en de verdere openingspagina’s gaan precies over slapen, waken en dromen.

> Lees verder

Bijtijds gaan slapen

‘Lang ben ik bijtijds gaan slapen.’ Zo begint Op zoek naar de verloren tijd in de vertaling van Thérèse Cornips. De vertaalster bekent meteen kleur door het neutrale ‘de bonne heure’ te vertalen met een woord (bijtijds) dat weliswaar ook ‘vroegtijdig’ kan betekenen, maar waarvan ‘de thans [= in de tweede helft van de 19de eeuw] gewone beteekenis’ zelfs volgens het WNT al ‘intijds’ is, dat wil zeggen tijdig, voor het te laat is. Waarschijnlijk zeggen oude mensen in afgelegen boerendorpen nog wel dat ze bijtijds gaan slapen, maar de jonge hoofdpersoon van een van de grootste modernistische romans?… > Lees verder