Bruno Latour, ‘Waar ben ik? Lockdownlessen voor aardbewoners’ (fragment)

‘Kafka heeft het ons verteld: de insect geworden Gregor was welgeteld twee uur te laat voor zijn trein of de ‘procuratiehouder’ van zijn pisnijdige baas, die verbolgen was over de luiheid van zijn employé, stond al bij de Samsa’s voor de deur. Mensen die vanwege de pandemie in lockdown zaten, maakten dezelfde situatie mee, maar op een gigantische schaal; in een tijdsbestek van een paar weken werd datgene wat tot dan toe de ‘Economie’ heette, met hoofdletter, en wat gewone mensen op één lijn stelden met wat ze ‘hun wereld’ noemden, abrupt stilgezet. Paniekstop, pauzeknop, pas op de plaats. De claim dat het handelen van alle mensen onherroepelijk door de Economie wordt bepaald begon barsten te vertonen, dat besefte iedereen door deze ‘wereldstop’, en ook besefte iedereen dat die Economie, het fabelachtige uitbreiden van bepaalde berekeningen, niet langer mocht worden verward met de wetenschappelijke deeldisciplines boekhouding en economie – met kleine letter – zoals die door vaak zeer respectabele rekenkundigen worden bedreven.

> Lees verder

C.-F. Ramuz, De grote angst in de bergen, nawoord van de vertaler

In onze contreien doet zijn naam naam eigenlijk alleen bij muziekliefhebbers een belletje rinkelen. Ramuz, was dat niet de librettist van Stravinsky? En inderdaad: in 1918 schreef Charles-Ferdinand Ramuz voor zijn beroemde vriend de tekst van het muzikale melodrama Histoire du soldat. ‘Entre Denges et Denezy / un soldat qui rentre au pays’, zo luiden daarvan de openingsregels. Ramuz situeerde zijn bewerking van een Russisch volkssprookje in een denkbeeldig kanton Vaud. ‘Op de straatweg van Sas naar Sluis / Een soldaat op weg naar zijn huis’, heet het in Martinus Nijhoffs veelgeprezen vertaling, Geschiedenis van de soldaat (1930), waarbij Nijhoff de handeling naar Zeeuws-Vlaanderen verplaatste.

> Lees verder

Bruno Latour, ‘Waar kunnen we landen?’ (fragment)

[…] Om de sleetse metafoor van de Titanic van stal te halen: de leidende klassen begrijpen dat de schipbreuk onvermijdelijk is, ze maken zich meester van de reddingsboten, en ze vragen het orkest lang genoeg slaapliedjes te blijven spelen zodat ze er in het nachtelijk duister vandoor kunnen gaan voordat de andere klassen door de overmatige slagzij worden opgeschrikt.

Als we een veelzeggende illustratie willen, waar ditmaal niets metaforisch aan is: oliemaatschappij ExxonMobil besluit begin jaren negentig, in het volle besef van de situatie, na uitstekende wetenschappelijke artikelen te hebben gepubliceerd over de gevaren van klimaatverandering, zwaar te investeren in de verwoede winning van aardolie en tegelijk in een al even verwoede campagne die de stelling moet promoten dat er van dreigend gevaar geen sprake is.

> Lees verder

Bruno Latour, ‘Oog in oog met Gaia’ (fragment)

[…] Zolang het modernisme zijn overwicht behield, waren de ‘mensen’ gelukkig dat ze leefden tussen aan de ene kant het ‘rijk van de noodzaak’ – de aaneenschakeling van oorzaken en gevolgen – en aan de andere kant het ‘rijk van de vrijheid’ – de uitvindingen van recht, moraliteit, vrijheid en kunst. Ze ruilden de dwingende noodzaak van de Natuur in voor een proliferatie van culturen. ‘Mono-naturalisme’ aan de ene kant, ‘multi-culturalisme’ aan de andere. Deze tweedeling lijkt volkomen overhoopgegooid door de geohistorische gebeurtenis die ik probeer te omschrijven. Het vermogen tot uitvinding en verrassing is verschoven van mensen naar niet-mensen, zoals wordt onderstreept door een beruchte boutade van Frederick Jameson: ‘Tegenwoordig lijkt het haast makkelijker om je het einde van de wereld voor te stellen dan het einde van het kapitalisme!’
> Lees verder

Bruno Latour: hybridité stylistique et ‘metaxu’ traductive

Un sujet hybride

Face à Gaïa peut se résumer comme la confrontation de l’oeuvre de Latour, telle qu’elle s’est développée depuis la fin des années ’70, à deux concepts scientifiques nouveaux : ‘L’hypothèse de Gaïa’ et l’Anthropocène – ou, mieux, par l’assimilation dans cette oeuvre de ces deux concepts. Le travail de Latour a été surtout remarqué par ses recherches novatrices en sociologie des sciences; on lui associe les ‘Science Studies’ (appelées aussi parfois ‘Sciences, technologies et sociétés’, Science and Technology Studies) , et la ‘Sociologie de la traduction’ ou ‘Théorie de l’acteur-réseau (ANT) (dans laquelle le concept d’acteur s’étend aux non-humains et aux discours).

> Lees verder

Traduire Bruno Latour en langues germaniques: petit tour d’horizon de quelques particularités syntaxiques et sémantiques dans ‘Face à Gaïa’

[…] Ici, je voudrais insister sur une difficulté propre à la traduction du français en néerlandais qui dans les présentes conférences latouriennes nous place devant un défi continu, concernant notamment le traitement de la phrase, de la façon de dire et de penser d’une langue à l’autre, où se présente une différence essentielle entre d’une part les langues romanes mais aussi l’anglais, et d’autre part le néerlandais et l’allemand (pour faire court, et même si le phénomène est donc plus large que ça, je présenterai la question comme une opposition FR – NL). En français, par exemple dans cette même phrase que je suis en train de produire, le sujet et le verbe se mettent généralement plus ou moins en tête de la phrase, et cela également dans la phrase subordonnée, ce qui a le mérite d’être extrêmement clair, car le sujet et le verbe contiennent quand même le cœur de la phrase.
> Lees verder