Riskante relaties: u of jij? (vervolg)

Verder waar ik was gebleven (zie mijn vorige post). In plaats van in mijn vertaling de Franse verdeling tussen vous en tu op de voet te volgen, zoals ik aanvankelijk had gedaan om het historische decor te benadrukken, heb ik omwille van de variatie besloten de mogelijkheden van het hedendaags Nederlands optimaal te benutten: goede vrienden tutoyeren elkaar, geliefden in principe ook, terwijl de beleefdheidsvorm ‘u’ juist een zekere afstand (om redenen van respect, hiërarchie of anderszins) aanduidt.

De belangrijkste verandering, waar achtenzeventig van de honderdvijfenzeventig brieven mee gemoeid waren, gold natuurlijk de manier waarop de voormalige geliefden en huidige samenzweerders Valmont en Merteuil elkaar aanspreken: zodra die van vousvoyeren wordt omgezet in tutoyeren, dient ook de algehele toon van hun wederzijdse brieven te worden aangepast – wat precies de extra los(bandig)heid oplevert die ik nodig had voor mijn ‘spagatische’ aanpak.… > Lees verder

Riskante relaties: u of jij?

Eerder schreef ik over de spagaat, zoals ik de aanpak heb genoemd die ik bij het vertalen van Les Liaisons dangereuses heb gevolgd – na te hebben geconstateerd dat mijn aanvankelijke aanpak niet werkte. Een van de dingen die ik na het Grote Inzicht radicaal moest veranderen, was de verdeling tussen ‘u’ en ‘jij’. Dat is altijd een lastig punt bij vertalingen uit het Frans, want vous mag dan volgens het woordenboek ‘u’ betekenen en tu ‘jij’, er zijn ook genoeg contexten waar vous met ‘jij’ moet worden vertaald: de Fransen leggen de grens op een andere plaats en zijn over het algemeen wat formeler, hoewel ze God dan wel weer tutoyeren (waarbij moet worden aangemerkt dat het Nederlandse ‘gij’ oorspronkelijk een vormvariant van ‘jij’ is ).… > Lees verder

Riskante relaties: Cécile Volanges

‘Ik heet Cécile Volanges en niet Cécile de Volanges en dat is gek want mama heet wel madame de Volanges omdat ze van adel is.’ Zo – zonder komma’s op plaatsen waar je ze zou verwachten, en met kinderlijk veel nevenschikkende voegwoorden – zou een typische Cécile-zin er in mijn vertaling uit kunnen zien. Ze is het domme gansje van Riskante relaties, het vijftienjarige wichtje dat net uit de kloosterschool komt en aan wie marquise de Merteuil in een PS bij brief 105 schrijft: ‘O, ik vergeet nog iets… één ding.… > Lees verder

Riskante relaties: de spagaat

Het meest opvallende en destijds meest vernieuwende aspect van Les Liaisons dangereuses is het stilistisch realisme. Elk personage heeft zijn eigen stijl en verhoudt zich op zijn eigen manier tot de achttiende-eeuwse conventies. Aanvankelijk (behoorlijk lang) legde ik in mijn vertaling daarom sterk de nadruk op die conventies: het korset van de wellevendheid met zijn vereiste elegantie, afstandelijkheid en geijkte formules, waartegen de individuele expressie afsteekt als scheurtjes (en in sommige gevallen forse scheuren) tegen een sierplafond. Het was immers een boek over salons en gepoederde pruiken, dus wat zou ik er anders van moeten maken dan een bedwelmende kostuumroman, in de stijl van de prachtige verfilming door Stephen Frears?… > Lees verder

Riskante relaties: Adriaan Morriën

De Telegraaf, 2 februari 1962

Over Adriaan Morriën (1912–2002) niets dan goeds. Voorvechter van vertalersrechten, mede-oprichter van het Fonds voor de Letteren, docent/goeroe aan het roemruchte Instituut voor Vertaalkunde aan de Universiteit van Amsterdam, medeontdekker van schrijvers als W.F. Hermans, Gerard Reve en Harry Mulisch, auteur van een dertigtal boeken, en natuurlijk vertaler van met name drie klinkende titels: Het verhaal van O van Pauline Réage, De vreemdeling van Albert Camus en Gevaarlijk spel met de liefde van Pierre Choderlos de Laclos.… > Lees verder

Riskante relaties: de titel

Eerder (hier) schreef ik vrij uitgebreid over de titel die ik aan mijn vertaling van Les Liaisons dangereuses wilde meegeven: Gevaarlijke verhoudingen. Vooral de directe verwijzing naar Hella Haasses vervolg op het boek, Een gevaarlijke verhouding – Daal- en Bergse brieven (1976), leek me van groot belang. Toch is het Riskante relaties geworden, om redenen die in de commentaartjes onder mijn eerdere blogpost ook al duidelijk worden: 1) het bekt beter, de alliteratie is mooi en komt niet al te gekunsteld over; 2) het klinkt veel moderner (waarover later meer); 3) ‘relatie’ is de enige bruikbare term waarmee ook een persoon kan worden aangeduid met wie men een sociale betrekking heeft, en beide betekenissen zijn in het boek actief: ‘Als hij, zoals je zegt, gewoon maar een voorbeeld is van het risico dat relaties aankleeft, wordt hij daar dan zelf een minder riskante relatie van?’ (brief 32).… > Lees verder

Riskante relaties: Visconde de Valmor

José Isidoro Guedes, 1.º Visconde de Valmor

Een paar weken geleden verbleef ik met mijn geliefde in een gerieflijk appartement in Lissabon om even bij te komen van een lange, loodzware vertaalklus die ik eindelijk had volbracht – of althans bijna volbracht, want op de dag voor vertrek werd me duidelijk dat er nog altijd zo’n 3000 woordjes zouden blijven liggen tot na mijn thuiskomst, om nog maar te zwijgen van het nawoord, de correcties en de drukproeven. Niet getreurd: het was een heerlijke week, het weer deed zijn best (30 graden) en het grootste deel van de tijd lukte me het vrij goed om mijn werk uit mijn hoofd te zetten.… > Lees verder

Een piramide van verloren tijd

Verschenen in het Vlaamse cultuurmagazine Rekto:Verso: een dossier over Onze tijd. Redacteur Wannes Gyselinck interviewde Rokus Hofstede over (het vertalen van) Proust. We nemen het interview over met toestemming van de auteur.


Door Wannes Gyselinck

Geen kunstenaars die meer over tijd en tijden moeten reflecteren dan vertalers van literaire klassiekers. Zeker vertalers van Proust. Rokus Hofstede haalde – taalde – diens verloren tijd terug naar vandaag. ‘We zijn maar twee jaar over tijd gegaan.’

Tijd is het alfa en omega van Prousts Op zoek naar de verloren tijd.… > Lees verder

Wilfred Oranje redivivus

In de zomer van 2011 overleed vertaler Wilfred Oranje, pas 59 jaar oud. Het bericht van zijn dood bereikte mij in het kustdorp in Galicië – het Spaanse Galicië, niet het Pools-Oekraïense – waar ik toen op vakantie was. Ik schreef een kort in memoriam, waarvan de slotzin luidde: ‘Ik ben overmand door verdriet, maar ook vol verlangen om, eenmaal thuis, enkele van de door Wilfred vertaalde boeken te herlezen. Nobele zoon, ik groet je!’

Roth.Job.omslag.2Vijf jaar later kwam ik eindelijk aan de vervulling van dat verlangen toe, in hetzelfde Galicische kustdorp.… > Lees verder

Nieuw vertalersgeluk

En daar ging hij dan, de Europese Literatuurprijs 2012, naar Julian Barnes en zijn vertaler Ronald Vlek. Pech voor het duo Houellebecq/De Haan, dat evenwel niet bij de pakken neer wenst te zitten en zijn zinnen heeft gezet op een revanche in het mooie jaar 2017.

Dat schreef ik in 2012, en eerder dan verwacht is het dan zover: het duo Houellebecq/De Haan is met Onderworpen opnieuw genomineerd voor de Europese Literatuurprijs, niet in 2017 maar in 2016.

De andere vier boeken van de shortlist heb ik niet gelezen, maar in de wandelgangen valt al te horen dat een vierde Franse winnaar in zes jaar Europese Literatuurprijs erg onwaarschijnlijk (of ronduit een schande) zou zijn.… > Lees verder

Bloeiende meisjes

Vaak gestelde lezersvraag: gaan wij verder met Proust, en zo ja, wanneer valt het volgende deel te verwachten?

De beslissing om verder te gaan is al een tijdje genomen. De uitgever is enthousiast, wij zien het wel zitten om tot ver na de pensioengerechtige leeftijd onmogelijke zinnen te vertalen, het enige probleem is de financiering. Proust vertalen is véél tijdrovender dan een doorsnee literaire roman, en het Nederlands Letterenfonds heeft in de vereenvoudigde nieuwe werkbeursregeling geen aparte plaats meer ingeruimd voor extreem moeilijke projecten.… > Lees verder

De witte geur van roet (bis)

In Swanns kant op laten wij het haardvuur de hele ruimte witkalken met de geur van roet. Marco Kamphuis noemde dat in zijn NRC-recensie een ‘uiterst ongelukkige vertaling’ – waarop wij reageerden met de constatering dat het een ‘prachtig oxymoron’ uit de koker van Proust zelve betreft: badigeonner = witkalken.

Geuren hebben geen kleur. Heel strikt genomen is er dus niet eens sprake van een oxymoron (een schijnbaar onmogelijke verbinding van twee tegengestelde begrippen, zoals ‘een bejaard kind’ of ‘zwarte sneeuw’).… > Lees verder

Georges Perec, ‘Bijzondere kenmerken: geen’

Gebruiksaanwijzing

 

01 Een gemaskerd bal

02 Een chirurgische ingreep

03 Een speelhol met een laaghangende lamp die de gezichten aan het oog onttrekt

04 Een bar die blauw staat van de rook

05 Een buitenscène in zeer dichte mist

06 Een personage dat telefoneert, op de rug gezien

07 Diepzeeduikers

08 Een commando-eenheid bij nacht met gecamoufleerde gezichten

09 Overvallers met maskers, of nylonkousen, of sjaals

10 In de medina

11 Vrouwen met voiles aan hun hoed

12 Scène bij nacht

13 Scène gezien van grote afstand

14 Close-up van een detail van het gezicht (bijv.… > Lees verder

Bruno Latour, ‘Oog in oog met Gaia’ (fragment)

[…] Zolang het modernisme zijn overwicht behield, waren de ‘mensen’ gelukkig dat ze leefden tussen aan de ene kant het ‘rijk van de noodzaak’ – de aaneenschakeling van oorzaken en gevolgen – en aan de andere kant het ‘rijk van de vrijheid’ – de uitvindingen van recht, moraliteit, vrijheid en kunst. Ze ruilden de dwingende noodzaak van de Natuur in voor een proliferatie van culturen. ‘Mono-naturalisme’ aan de ene kant, ‘multi-culturalisme’ aan de andere. Deze tweedeling lijkt volkomen overhoopgegooid door de geohistorische gebeurtenis die ik probeer te omschrijven.… > Lees verder

Bruno Latour: hybridité stylistique et ‘metaxu’ traductive

Un sujet hybride

Face à Gaïa peut se résumer comme la confrontation de l’oeuvre de Latour, telle qu’elle s’est développée depuis la fin des années ’70, à deux concepts scientifiques nouveaux : ‘L’hypothèse de Gaïa’ et l’Anthropocène – ou, mieux, par l’assimilation dans cette oeuvre de ces deux concepts. Le travail de Latour a été surtout remarqué par ses recherches novatrices en sociologie des sciences; on lui associe les ‘Science Studies’ (appelées aussi parfois ‘Sciences, technologies et sociétés’, Science and Technology Studies) , et la ‘Sociologie de la traduction’ ou ‘Théorie de l’acteur-réseau (ANT) (dans laquelle le concept d’acteur s’étend aux non-humains et aux discours).… > Lees verder