Denis Diderot: schrijver voor de toekomst

Consult bij de Nederlandse oogarts in de Bourgondische provinciestad Autun (waar de Tour de France laatst nog doorheen kwam). Met grote moeite ontcijfer ik de allerkleinste lettertjes van de leestest, een fragment over de liefde, en daaronder de auteur: Diderot. ‘Die heb ik vertaald!’ roep ik tegen de assistente. Zij: ‘Echt waar? Dat moet vreselijk zijn geweest!’

Denis Diderot (1713-1784) is een schrijver die alle Franse kinderen in de loop van hun schoolloopbaan wel een paar keer tegenkomen. Eerst als hoofdredacteur van de beroemde Encyclopédie, dan als vierde Verlichtingsdenker in het rijtje Montesquieu, Voltaire en Rousseau (zij het op ruime afstand van de Grote Drie), en met een beetje geluk ook nog een keer tijdens de literatuurles, want ‘behalve encyclopedist en filosoof was Diderot ook romancier’, weet elke enigszins literair onderlegde Fransman.… > Lees verder

‘Mijn gedachten, dat zijn mijn hoertjes’: het bewegende denken van Denis Diderot

Een corpulente reus met een stentorstem, altijd aan het woord, druk gesticulerend: wie zich een idee wil vormen van de indruk die Denis Diderot op zijn tijdgenoten moet hebben gemaakt, doet er allereerst goed aan te beseffen dat deze bruisende Bourgondiër iemand was die je moeilijk over het hoofd kon zien. Met zijn 1 meter 80 stak hij zo’n vijftien centimeter boven de gemiddelde Franse man uit, en ook in de breedte en de diepte waren zijn proporties indrukwekkend; als zo iemand met veel overtuigingskracht op je in buldert wil je wel aannemen dat er belangwekkende dingen worden gezegd. Hoewel enige afstand soms geboden is: Catharina de Grote moest naar verluidt een tafeltje tussen hen in laten zetten omdat Diderot haar in het vuur van zijn betoog wat al te vaak op de keizerlijke dijen sloeg.… > Lees verder

Driehonderd jaar Diderot

Vandaag (5 oktober 2013) is het driehonderd jaar geleden dat Denis Diderot werd geboren. Speciaal voor de gelegenheid hebben we nu ook een dossier Diderot aangemaakt (zie hier rechts in de marge), en aan de eerdere ‘Zeven portretten van Denis Diderot’ willen we graag het onderstaande portret van de filosoof in zijn oude kamerjas toevoegen, afkomstig uit een privécollectie en pas in 2012 voor het eerst openbaar tentoongesteld. De schilder is onbekend.

‘Waarom heb ik haar niet gehouden? Ze was aan mij gewend, ik was aan haar gewend. Ze volgde alle plooien van mijn lichaam zonder het te hinderen. Ik was schilderachtig en mooi.> Lees verder

Eén vrouw is haar geliefde trouw

Een spons. Misschien is dat wel het beste beeld om Denis Diderot mee te typeren. Een wandelende spons die alles om zich heen in zich opzuigt en het weer uitspuwt zodra er pen en papier in de buurt zijn.

Het beeld is grotesk, maar dat is Diderot zelf ook. Tussen het opzuigen en het uitspuwen zit namelijk nog een derde fase, het verwerken, en juist die derde fase bepaalt hoe de opgeslorpte wereld uit de pen van de schrijver vloeit: in grillige, onvoorspelbare stromen, die elkaar raken op punten die voorheen ver uit elkaar leken te liggen. De wereld wordt herschikt: binnen wordt buiten, onder wordt boven, en zoals altijd gaat die bevrijdende herschikking gepaard met een heldere schaterlach.… > Lees verder

Denis Diderot, Jacques de fatalist en zijn meester, fragment

Hoe hadden ze elkaar ontmoet? Bij toeval, zoals iedereen. Hoe heetten ze? Wat gaat u dat aan? Waar kwamen ze vandaan? Van de dichtstbijzijnde plaats. Waar gingen ze heen? Weet een mens waar hij heen gaat? Wat zeiden ze? De meester zei niets, en Jacques zei dat zijn kapitein zei dat alle goede en slechte dingen die ons hier beneden overkomen, daar boven geschreven staan.

MEESTER: Dat is een prachtig gezegde.
JACQUES: Mijn kapitein voegde eraan toe dat elke kogel die uit een geweer kwam zijn bestemming had.
MEESTER: En hij had gelijk…
Na een korte stilte riep Jacques uit: ‘De duivel hale de herbergier en zijn herberg!’… > Lees verder

Altijd maar die liefdesverhalen!

‘Hommage aan Diderot in drie bedrijven.’ Zo noemt Milan Kundera Jacques en zijn meester, het enige toneelstuk dat hij tot zijn volwassen oeuvre rekent (hij schreef er meer). Zelf benadrukt Kundera graag dat het stuk een variatie en geen bewerking is: de thema’s mogen dan ontleend zijn aan Jacques le fataliste, het resultaat is een geheel nieuw kunstwerk, dat niet bedoeld is als herhaling in een andere vorm van wat Diderot al heeft gedaan, maar als een verkenning van nieuwe mogelijkheden. Toch valt voor wie Jacques le fataliste kent in eerste instantie vooral op hoe goed Kundera de roman heeft gelezen, en in die aandachtige lectuur schuilt een niet onbelangrijk deel van de hommage.… > Lees verder