Swanns kant op: was die nieuwe vertaling nou nodig?

De vraag klinkt voortdurend: was die nieuwe vertaling van Du côté de chez Swann nou nodig? We hadden er toch al een, of twee, of ergens daartussenin?

Was er na Glenn Gould een nieuwe opname van de Goldbergvariaties nodig? De vraag is tamelijk onzinnig. De ‘noodzaak’ van een nieuwe uitvoering kan pas door die nieuwe uitvoering zelf worden ‘aangetoond’: kennelijk was daar ruimte voor, kennelijk kon het werk nog op een andere manier overtuigend worden belicht.

De Proustvertalingen van Thérèse Cornips staan als een huis. Toch is haar aanpak niet de enig mogelijke: niet iedereen wil hetzelfde soort huis. Sterker nog, haar aanpak is (net als die van Glenn Gould) zo uitgesproken in zijn keuzes dat hij de lezers haast vanzelf in twee kampen verdeelt: voor en tegen. En dat is goed, want daarmee wordt de vertaling zichtbaar als ver-taling: interpretatie, herschepping, nieuw kunstwerk. Geen transparante ruit waardoor we het origineel zien, maar een noodzakelijkerwijs gekleurde weergave, zoals alle vertalingen (en muziekuitvoeringen) dat zijn.

Dat wij tot het tegenkamp behoorden en graag een andere Nederlandse Proust wilden zien, spreekt vanzelf. Maar er zullen altijd Cornipsliefhebbers blijven, zoals er ook altijd Gouldliefhebbers blijven. En zo hoort het. Hervertalingen houden de oorspronkelijke tekst levend, niet door eerdere vertalingen overbodig te maken, maar door ermee in gesprek te gaan.

In Duitsland, Engeland en Italië zijn meerdere Proustvertalingen te koop. Wij roepen de Bezige Bij op om de vertalingen van Thérèse Cornips leverbaar te houden.

Print Friendly, PDF & Email