De zichtbare vertaler 8: Belangrijk in Frankrijk

Het gebeurt niet vaak, maar als het gebeurt kan je dag niet meer stuk.

Gisteren in de brillenwinkel in Autun. Opgedirkte dame van een jaar of veertig, in het Frans uiteraard: ‘Wat kan ik voor u doen?’

‘Ik kom de bril van mijn vrouw ophalen, de naam is Marijnissen, Mariezjniessèn, M-A-R-I-J-N-I-S-S-E-N.’

‘Ah, u bent Nederlands, hè?’

‘Ja.’

‘En u woont hier permanent?’

‘Ja.’

‘Ik ken een ander Nederlands echtpaar dat hier woont, de vrouw heeft een galerie in Amsterdam en reist vaak heen en weer, de man verbouwt het huis. Dat doen veel Nederlanders, u niet?’

‘Geen tijd voor, ik moet werken.’

‘Ah, u werkt hier! Wat doet u dan, als ik vragen mag?’

‘Ik werk thuis, ik ben literair vertaler, ik vertaal boeken.’

Stilte. Stilte. Ik hoor de radertjes bij wijze van spreken knarsen. Maar dan komt het: ‘Dus… u bent een belangrijk iemand!’

‘Ach, dat valt wel mee hoor.’

‘Maar uw naam staat in het boek of op het omslag.’

‘Ja, dat klopt.’

‘Dan bent u belangrijk. U moet nadenken over ieder woord, u kunt niet zomaar vlugvlug even de inhoud weergeven, u moet ook rekening houden met de stijl. U bent een echte schrijver!’

Ik had mijn mooie nieuwe Senegalese jasje aan, het kan zijn dat het daaraan lag, maar het valt niet geheel uit te sluiten dat ze oprecht was. Is de status die schrijvers in Frankrijk eeuwenlang genoten dan toch minder ver afgekalfd dan ik zelf altijd beweer?

‘Alstublieft meneer, uw bril.’

’s Avonds in het restaurant, charmante eigenares met wie ik aan de praat raak: ‘U woont hier permanent? En u werkt hier? Ah, literair vertaler, dat treft: we zoeken iemand om de menukaart in het Nederlands te vertalen, wat is uw tarief?’

Nee, dan die Leidse restauranthouder die me jarenlang voor Ronald de Boer aanzag.

[VvL.nu 4 (voorjaar 2007), © Martin de Haan]

Print Friendly, PDF & Email