web analytics

Tirade 31: Meer lucht!

De École Normale Supérieure in de Rue d’Ulm te Parijs is het meest prestigieuze onderwijsinstituut op Franse bodem. Elke zichzelf respecterende Franse intellectueel heeft er zijn opleiding genoten, de school telt twaalf Nobelprijswinnaars onder haar alumni, en het was dan ook niet zonder trots dat het driemanschap Marjan Hof (Martin de Haan, Jan Pieter van der Sterre en Rokus Hofstede) er in het academisch jaar 2002-2003 haar opwachting maakte voor een maandelijks séminaire over Prousts Contre Sainte-Beuve, georganiseerd door de befaamde ‘équipe Proust’. Aanleiding: de door ons te vervaardigen Nederlandse editie van genoemd boek, dat overigens geen boek maar een berg losse schetsjes is en dus behalve vertaald ook gecomponeerd diende te worden (want in het Frans bestaat er geen bevredigende editie).… > Lees verder

Tirade 29: Freakonomie

Aardig economisch vraagstukje. Waarom lezen sommige Nederlanders buitenlandse literatuur liever in Engelse dan in Nederlandse vertaling, terwijl hun Nederlands uiteraard beter is dan hun Engels?

Het antwoord is eenvoudig. Neem een oorspronkelijk Zweeds boek, laten we zeggen Stieg Larssons weergaloze Mannen die vrouwen haten. Door het relatief kleine aantal Nederlandstaligen zal de markt voor een Nederlandse vertaling veel kleiner zijn dan voor een Engelse vertaling, waardoor ook de royalty’s en de winst lager uitvallen. Die lagere opbrengst heeft een geringere aantrekkingskracht op vertalers, met als gevolg dat vertalers in het Nederlands kwalitatief minder goed zijn dan in het Engels; de aanbodcurve van vertalers is oplopend.… > Lees verder

Tirade 26: Michaël

De laatste keer dat ik hem zag was op 20 april in Brussel, tijdens een grote EU-conferentie over literair vertalen. Hij zat in de cirkelvormige opstelling recht tegenover me en maakte met zijn duim verwoede gebaren bij wijze van denkbeeldige sms’jes die hij me stuurde om het bedenkelijke niveau van de bijdragen aan de kaak te stellen. ‘Jammer dat ik je telefoonnummer niet had, Martin,’ zei hij in de pauze.

In diezelfde pauze pakten we de draad weer op van ons eeuwige gesprek, dat dit keer al een jaar of zes onderbroken was geweest: over de kwaliteit van vertalingen. Hij, de boekenvreter, was van mening dat er in Nederland bedroevend slecht wordt vertaald, slechter dan in de ons omringende grote landen en ook slechter dan voorheen; dat laatste kon hij volstrekt objectief vaststellen, want waar hij vroeger pas iets negatiefs over een vertaling zei als hij minstens tien grote fouten had aangetroffen, had hij die grens inmiddels moeten verleggen naar twintig – anders was er geen beginnen meer aan.… > Lees verder

Tirade 25: Vertaalmoeheid

Laatst ontving ik een e-mail met een paar halve zinnen en verder wat losse letters: per ongeluk verstuurd door een vertaler die met zijn hoofd op het toetsenbord in slaap was gevallen. Want zoals je metaalmoeheid hebt, zo heb je ook vertaalmoeheid. Geen enkele professionele vertaler ontkomt eraan: na weken, maanden of jaren keihard werken begint elke vertaler, hoe stevig of soepel ook, onvermijdelijk scheurtjes te vertonen.

Osip Mandelstam beschrijft het verschijnsel in een brief aan de Sovjetrussische schrijversbond uit 1929: ‘Als hij niet tegen zichzelf wordt beschermd, slijt een goede vertaler snel. Vertalen is in de strikte zin van het woord een ongezond beroep.… > Lees verder

Tirade 23: Babel

Je zou het haast niet voor mogelijk houden, en dat is het eerlijk gezegd ook haast niet, maar soms doen vertalers iets anders dan vertalen of bloggen. Nadenken over een zelf te schrijven roman, bijvoorbeeld.

Mijn vroegste plannen voor een roman met de titel Babel moeten uit het jaar 2000 stammen: in mijn aantekenboekje staan de eerste ideeën die er betrekking op hebben vlak voor een krantenknipsel met Arnon Grunbergs ‘rechten van een schrijver’ (New York, 22 oktober 2000). Lange tijd heb ik er kennelijk niets mee gedaan, of alleen in gedachten, want pas op 10 augustus 2001 zette ik een aantal ideeën in de computer.… > Lees verder

Tirade 22: Het vertaalprobleem

In een blog over vertalen mag een concreet vertaalprobleem niet ontbreken, bij wijze van blik in de keuken. Zoals gezegd werk ik momenteel aan de essaybundel Une rencontre van Milan Kundera, en het ligt dus voor de hand om daar een voorbeeld aan te ontlenen: een willekeurig vertaalprobleem van het hardnekkige soort, waar je zittend, lopend, douchend, slapend en etend urenlang over nadenkt voordat je in de buurt komt van een oplossing – die soms verrassend dicht bij het beginpunt kan liggen, maar soms ook helemaal niet.

Eerst de tekst maar even in het Frans: ‘Je la connaissais depuis longtemps. Elle était intelligente, pleine d’esprit, elle savait parfaitement maîtriser ses émotions et était toujours habillée si impeccablement que sa robe, tout comme son comportement, ne permettait pas d’entrevoir la moindre parcelle de sa nudité.… > Lees verder