De zichtbare vertaler 15: Steekproef

U wist het misschien nog niet, maar over vijf jaar bestaan er geen papieren boeken meer.

Dat zit zo. In Amerika, waar alle technologische en commerciële ontwikkelingen van de laatste vijftig jaar zijn bekokstoofd, verkoopt de allergrootste online boekhandel inmiddels meer elektronische dan papieren boeken. Duitsland en Frankrijk hebben onder leiding van dezelfde online boekhandel de achtervolging ingezet, Google zet ongevraagd alle boeken ter wereld op internet, de KB gaat alle Nederlandse boeken en kranten scannen, de Nederlandse uitgevers weten niet hoe snel ze alle auteurs- en vertalerscontracten moeten aanpassen om de boot niet te missen, en op het moment dat u dit leest heeft Apple zijn iTablet of iSlate iPad gepresenteerd, die het e-boek van een gadget in een eerste levensbehoefte zal omtoveren.

Kortom, hoog tijd voor een representatieve steekproef onder de Nederlandse bevolking. Plaats van handeling: het hippe Amsterdamse café Kapitein Zeppos. Aanwezigen: wij (twee medewerkers van het voormalige Fonds voor de Letteren en twee literair vertalers, waarvan één zwaar beschonken), zij (twee willekeurige mannelijke cafébezoekers van een jaar of dertig), één controlegroep (meisje aan de bar, jongen achter de bar).

WIJ. – Jammer dat de nieuwe Proustvertaling van Thérèse Cornips nog niet als e-boek verkrijgbaar is.

ZIJ. – De nieuwe wat?

WIJ. – De nieuwe vertaling van Du Côté de chez Swann, van Marcel Proust.

ZIJ. – Van wie?

WIJ. – Marcel Proust, wie kent hem niet? De Shakespeare van de twintigste-eeuwse Franse literatuur. De verloren tijd, het koekje in de thee.

ZIJ. – Shakespeare! Die kent iedereen, maar van Proust heeft nog nooit iemand gehoord.

WIJ. – Les één: denk nooit dat uw eigen beperkte waarheid universeel is.

ZIJ. – U hebt gelijk, laten we het eens aan een paar mensen vragen.

CONTROLEGROEP. – Proust? Dat is een restaurant op de Noordermarkt.

ZIJ. – Maar u hebt ons wel nieuwsgierig gemaakt. Als dat boek nou als e-boek verscheen, gratis natuurlijk, zouden we het wel willen lezen.

WIJ. – Gratis? Dat kan niet. Weet u wel hoeveel werk er in zo’n vertaling gaat zitten?

ZIJ. – Dat kan worden betaald uit de advertentie-inkomsten.

WIJ. – …?

ZIJ. – Kijk maar, hier: een boek over communities, legaal gedownload van internet, met advertenties erin om de kosten te dekken. Waarschijnlijk krijgt de auteur voor elke download een bedragje van de adverteerders. Dat kunnen jullie ook doen met die Proust.

WIJ. – Goh ja, waarom ook niet. Adverteren in Proust, de droom van elke banketbakker!

ALLEN. – Hoe blind we zijn, zien we pas als de schellen ons van de ogen vallen.

[VvL.nu 11 (voorjaar 2010), © Martin de Haan]

Print Friendly, PDF & Email