De grote illusie (2)

La Grande Illusion is een enigmatische titel. Is alles wat mensen in rassen en klassen scheidt, alles wat tot haat en oorlog leidt, de illusie die Renoir met zijn film aanklaagt? Of is de ontnuchterende boodschap van de film juist dat ‘vrijheid, gelijkheid en broederschap’ nooit werkelijkheid zullen worden en zelf de illusie vormen waaraan we ons willens en wetens onderwerpen? Voor beide interpretaties valt iets te zeggen. In zijn antisemitische pamflet Bagatelles pour un massacre (1938) had Céline de antifascistische strekking van La Grande Illusion in elk geval uitstekend begrepen: hij brandt de film met moordend cynisme af als een ideologische rechtvaardiging van de ‘joods-linkse samenzwering’.

De Pindarusvertaler in La Grande Illusion wordt vertolkt door Sylvain Itkine, een in 1908 geboren Franse acteur en regisseur van joods-Litouwse origine, verzetsman en vriend van de surrealisten en, sinds kort, ook van een groep op Facebook. Itkine overleefde de Tweede Wereldoorlog niet; hij was, anders dan zijn personage, geen wereldvreemde boekenwurm. Hij werd in 1944 door een lid van zijn verzetsgroep verraden en door de Gestapo gefolterd en vermoord.

Zijn er andere films waarin vertalers figureren? Ik weet het niet, maar kan me voorstellen dat wat vertalers tot potentieel interessante filmpersonages maakt, behalve hun toewijding aan een ‘roeping’ en dus hun wereldvreemdheid, hun buitenstaanderschap is. Een vertaler die zich tijdelijk in een uitheemse omgeving vestigt om in afzondering te werken, kan het soort katalysator zijn dat lokale verhoudingen op scherp zet en politieke, criminele of erotische drama’s in gang zet. Misschien iets voor een scenario?

Print Friendly, PDF & Email