web analytics

L.-F. Céline, Oorlog, fragment

‘[…] Toegegeven, vanaf dat moment werd alles mirakels rustig en buitengewoon. Overal om ons heen stak een machtige wind van verbeelding op. Ik ben toch echt ontiegelijk dapper geweest, ik heb me laten meevoeren, zeg dat wel. Ik heb niet toegegeven aan de verrassing, wat erop neergekomen zou zijn dat ik even stom was gebleven als vroeger, alsmaar ellende en niks dan ellende vretend gewoon omdat ik niks anders gekend had sinds ik door mijn goeie ouders was grootgebracht, knap pijnlijke, knap taaie, knap zweterige ellende bovendien. Ik had er net zo goed niet aan kunnen geloven, de kermis van verbeelding waarin mij werd verzocht een strijdros te bestijgen dat helemaal van hout was, helemaal opgetuigd met leugens en fluweel.… > Lees verder

L.-F. Céline, Oorlog, nawoord

‘Céline heeft iets van een man die opmarcheert achter zijn eigen klaroen.’ Deze typering, van Julien Gracq, wijst op een wezenstrek van Louis-Ferdinand Céline (1894-1961): hij was, in weerwil van zijn zelfverklaarde pacifisme, een strijder. Zijn strijdlust kreeg gestalte in de radicaal vernieuwende vorm van zijn romans, maar nam ook radicale ideologische vormen aan. Aan de ene kant zorgde Céline met zijn op spreektaal geënte schrijftaal voor een revolutie in het Franse literaire proza; aan de andere kant ontpopte hij zich in de periode 1937 en 1944 als rabiate anti-joodse propagandist, collaboreerde hij in de oorlogsjaren actief met de Duitse bezetter en hing hij zijn leven lang een biologisch racisme aan dat hij nooit zou afzweren.… > Lees verder

‘Je kunt Céline niet onbewogen lezen’

In de hervonden roman ‘Oorlog’ schetst Louis-Ferdinand Céline (1894-1961) de verschrikkingen aan de frontlinie aan het begin van de Eerste Wereldoorlog. De taal van de omstreden schrijver is rauw en geharnast. Vertaler Rokus Hofstede: ‘Dit is wat oorlog met mensen doet.’

Trouw, zaterdag 9 september 2023. Tekst: Sander Becker

Zijn hele oor zit met bloed aan de grond vastgekleefd, net als zijn mond. Hij merkt het zodra hij wakker wordt. Brigadier Ferdinand heeft ’s nachts buiten gelegen in de modder, zwaargewond, omgeven door hompen vlees. Hij is de enige overlevende van zijn konvooi, dat uiteen lijkt gespat door granaatinslagen. In zijn gehoorgang klinkt een hels gedonder, alsof er een locomotief doorheen dendert.… > Lees verder

Te mooi ben je wellicht voor mij

Het ijzingwekkende en hilarische hoogtepunt van Célines Guerre is ongetwijfeld het etentje bij meneer Harnache, waar de militaire medaille van verteller Ferdinand wordt gevierd en waar diens vriend Cascade een smartlap aanheft, ‘Je sais que vous êtes jolie’, een publiekssucces uit 1912, geschreven door Henri Poupon op muziek van Henri Christiné.

Céline heeft het nummer herhaaldelijk in zijn werk geciteerd, onder meer in Londres, Mort à crédit, Guignol’s band I en Féerie pour une autre fois II. In mijn vertaling van de door Cascade gezongen tekstflarden grijp ik terug op de ‘Nederlandsche tekst van Jack Hotte’, uitgebracht in 1913 bij Maison Hotton, Brussel.… > Lees verder

I am going to the guerre de mouvement!

Frappant hoezeer de propaganda van het koninkrijk Pruisen in 1914 lijkt op die van de huidige agressor van Oekraïne. De overweldiging van België door het Duitse Heer in 1914 was een ‘defensieve’ onderneming, België had als natie geen ‘bestaansrecht’, Europa was het toneel van een ‘omcirkeling en wurging van de Germaanse volkskracht…’ – ik citeer uit De Groote Oorlog, het standaardwerk van Sophie De Schaepdrijver, dat ik lees om iets te meer te begrijpen van de historische context van de roman Guerre van Louis-Ferdinand Céline.

I am going to the guerre de mouvement! […] Dood aan Gwendor de trouweloze, dood aan de trouweloze Duitsers… Dood aan de verkrachters van het arme België!’… > Lees verder

Annie Ernaux, De jongeman, nawoord

‘Hoe de stem van Ernaux wisselt, nu eens jonge amazone, dan weer oude vrouw’. De aantekening is gedateerd 26 maart 1998: die avond ontvangt het Maison Descartes aan de Amsterdamse Vijzelgracht Annie Ernaux. Aanleiding voor de ontvangst is de publicatie van De schaamte, de Nederlandse vertaling van Ernaux’ La honte. In een gesprek met Désirée Schyns legt Ernaux uit dat ze de gewelddadige familiescène waarmee dat boek opent nooit eerder onder woorden had weten te brengen, al werd  er in eerdere boeken wel op gezinspeeld. Ze wil, zegt ze, in haar schrijven ont-dekken, dé-couvrir, wat doorgaans bedekt wordt gehouden.… > Lees verder